Afgelopen augustus stal een onverlaat mijn autoradio. Begin november had ik eindelijk een vervangend exemplaar gekocht. Begin december vond mijn lief even de tijd om de radio in de auto te plaatsen. Zonder succes helaas. De autoradio lichtte tijdens het omdraaien van mijn autosleuteltje heel even op. Om daarna als een zacht, maar definitief kaarsje weer uit te gaan.
Na een paar lange ritjes, groeit mijn behoefte aan geluid in de auto. Een luxegoed, dat wel, maar wel erg fijn. Ik vraag de handige buurman om hulp en vraag of hij enig idee heeft hoe het kan dat mijn radiootje wel blij lijkt me te zien, maar het dan al snel voor gezien houdt.
Hij stapt in mijn auto en bestudeert de radio. ‘Heb je op de Power-knop gedrukt?’ Ik beantwoord die vraag met een quasi-vernietigende blik, gevolgd door een ‘Ja, hèhè ‘ ‘Just checking’ zegt hij en hij pakt de spanningsmeter om te weten welke spanning er op welke draad zit.
De spanning klopt en dan is er nog maar èèn mogelijkheid: de zekering is gesprongen. Gelukkig weet ik waar de handleiding van de auto ligt en is de zekeringkast snel gevonden. Handige Buurman bestudeert de handleiding en weet me te vertellen dat er altijd een reservezekeringetje in de auto aanwezig is. Na het vervangen van de zekering, kruipt Handige Buurman weer de auto in en al snel schalt er muziek uit mijn auto. GELUID. Whaaa. Mijn hart maakt een blij sprongetje.
Handige Buurman zet de auto uit en weer aan. Zijn gezicht betrekt. De radio houdt zijn geheugen niet vast. Mmmm, dat had de garage nu eindelijk vier jaar na aankoop voor elkaar gekregen. Ik haal mijn schouders op, maar Handige Buurman gaat driftig aan de slag. De draadjes zitten heel hardnekkig vast, dus we gaan voor de botte bijl. Doorknippen en aan elkaar lassen. ‘Gewoon even met een krimpkousje’ legt Handige Buurman uit. ‘Een wàt? Oh een soort steunkous, zeg maar. Voor electriciteitsdraadjes. Ah, jaaa’.
Na een onderbouwde redenering, gaan we aan de slag. Ik ontpop me als een ware assistente. De kleine zwarte draad moet aan de groene draad komen en vice versa en dan komt het goed. Hij knipt, ik hou de draadjes bij elkaar, hij last, kousje eroverheen en klaar. NIETS. Er verandert NIETS. We kijken naar de radio alsof hij straks zelf gaat vertellen wat er nou aan de hand is. Dan schiet Handige Buurman in de lach. We hebben in de volle overtuiging de groene draad verbonden met de groene draad en de zwarte draad met de zwarte draad.
Ietwat beschaamd, voeren we de reparatie nu iets vakkundiger uit. Denken we. En dan. Wederom NIETS. Maar nu echt NIETS. Het blijft angstvallig stil. We kijken elkaar aan. Nieuwsgierige Buurman komt ook even kijken en voorziet ons van advies. ‘Kijk even naar de draad waar continu stroom op zit’ oppert hij. Maar dat hebben we allang gedaan. Hij kijkt met ons mee. Van de draadjes, naar de spanningsmeter, naar de radio en naar vragende ogen. Het zou goed moeten zijn.
‘Zet ze maar weer terug’ doorbreek ik de ongelovige stilte. Ik ben al vier jaar gewend te zoeken naar de juiste zender. Daar kan ik best opnieuw aan wennen. Ik ben al blij dat ik geluid heb. Dat op zich is al een geschenk.
De volgende dag maak ik een kort ritje met de auto. Dochterlief en ik zingen uit volle borst mee. Met een liedje op de radio. Dochterlief bevestigt mijn klein geluk: ‘Mam, het maakt niet uit welk liedje hoor. Als het maar een gezellig geluidje is.’
Recente reacties