Kort na het ’taxi-incident‘ krijgen we het heugelijke nieuws dat hij naar huis mag. Hij hoeft niet meer aan het infuus en heeft goed zijn best gedaan om te laten zien dat hij zich zelfstandig kan redden. Gelukkig geen gekke ritjes meer. Vanaf nu duidelijke afspraken. En de eerste afspraak is al snel. Al over een kleine week. En dit is een belangrijke afspraak. Dit is een gesprek met de belangrijkste arts van de afdeling. Kun je dat zo zeggen? Ja, toch wel. Het is een arts die ook onderzoek doet naar mogelijke oplossingen voor genezing van de leukemie. Je zou kunnen zeggen dat die medicatie al bestaat in de vorm van chemotherapie, bestraling en stamceltransplantatie. Voor alle methodes geldt echter dat ze loodzwaar zijn en enorm veel van je lijf vergen. Als je zo’n zware behandeling hebt doorstaan, dan gebeurt er ook geestelijk iets met je. En als je de eerste behandeling hebt doorstaan, moet je nog een tweede. En als je dan denkt dat je het gehad hebt, dan mag je nog op komen draven voor een derde. Geloof me, dat doet iets met je.

In het geval van mijn vader, komt hij niet verder dan de eerste chemo. Deze is zo zwaar gevallen, dat de arts niet aan een tweede behandeling wil beginnen. Hij is bang dat het zijn dood wordt. Ik ben op mijn beurt blij dat de arts die beslissing uit zijn handen neemt. Ik ben blij dat hij een arts heeft die niet koste wat het kost door gaat. Liever een jaar een kwalitatief goed leven, dan 5 jaar een ziekbed of erger.

Gelukkig biedt de arts twee alternatieven. Wat die alternatieven zijn, hoor ik pas later. Ik was namelijk niet bij dit gesprek. Het was wel de bedoeling hoor. Op mijn werk had ik een dag omgewisseld en werkte dinsdag in plaats van woensdag en ik zou om klokslag 9.00 op de poli op de VU zijn. Helaas kreeg mijn dochter die nacht een benauwdheidsaanval en belandden we midden in de nacht op de EHBO. Gelukkig gaat het nu weer goed met haar. Voor Hotel Mama schreef ik er een blog over. Omdat Hotel Mama even in de steigers staat, plaats ik haar verhaal over een paar dagen ook op Hèlenspinsels.