Ik haast me nog even naar de supermarkt. Even Drie Hoek zeep halen. De wachtrij is lang. Achter me probeert een vrouw haar hoest in te houden. Het lukt niet.
“Wilt u misschien een smintje, mevrouw?”
Ietwat stuntelig probeer ik het doosje te vinden in mijn niet zo georganiseerde tas. Ik pak het doosje, maar het dekseltje blijft hangen. Alle smintjes vallen er prompt uit en liggen verspreid over de bodem van mijn tas. Ik vis er eentje uit en kijk haar vertwijfeld aan.
“Net zaten ze nog in het doosje, hoor. Het kan best wel.”
Nadat ze het smintje dankbaar van me heeft aangenomen, zegt ze: “Ik mag eigenlijk geen snoepjes aannemen van vreemde mensen”.
“Nee, dat klopt, maar volgens mij bent u geen kind meer”, lach ik.
“Misschien val ik straks wel dood neer.”
“Ja, dat kan, maar dan bent u wel meteen van die hoest af.”
“Dat zou wel de perfecte moord zijn.”
“Ja, en ik heb ook nog medicijnen in mijn tas zitten. Misschien heb ik ze wel vermengd met een smintje”
“En je kunt meteen de sporen uitwissen met de Drie Hoek zeep die je in je handen hebt.”
“Moord bij de kassa. Daar zit een verhaal in.”
Lachend nemen we afscheid…
Een schitterend verhaal, Helen.